Beelden
In het kerkgebouw zijn verschillende beelden te zien. Hieronder vindt u een deel van deze beelden. Deze beelden zijn gemaakt in het atelier van M. van Bokhoven & H. Jonkers; 's-Hertogenbosch.
Barbara van Nicomedië, Bithynië, Klein-Azië; maagd & martelares met Juliana; † ca 306.
Feest 4 december.
Dat zij heeft bestaan, staat historisch vast. Maar wat we van haar leven en sterven weten, berust puur op legende.
Barbara was de dochter van een rijke heiden uit Nicomedië. Om haar tegen ongewenste invloeden te beschermen sloot hij haar op in een toren. Desondanks werd zij bekeerd tot het Christendom, men zegt zelfs door Origenes, de beroemde theoloog uit Alexandrië († 254). Haar vader ontdekte dit toen Barbara vroeg om een derde venster in haar toren aan te brengen ter ere van de Heilige Drie-eenheid. Hij liet haar folteren om haar tot geloofsafval te dwingen. Toen dat niet lukte, onthoofdde hij zijn dochter. Meteen daarna werd hij gestraft: een bliksemschicht doodde hem.
Klik voor meer op de Legende
Bron: Heiligen.net
Anna en Maria
Anna en haar man Joachim waren (volgens de overlevering) gehuwd, welgesteld, maar kinderloos. Zij leefden helemaal volgens de Wet van God. Toch wordt het offer van Joachim in de tempel geweigerd, omdat hij geen kinderen heeft. Joachim vlucht met zijn kudde de woestijn in. Anna denkt dat hij dood is en doet haar beklag bij God en vraagt om een kind. Haar gebed wordt verhoord. Tegelijk krijgt Joachim van een engel te horen, dat zijn vrouw in verwachting is. Hij keert met zijn kudde terug en ontmoet zijn vrouw bij de Gouden Poort in Jeruzalem en geeft haar een kus. Anna geeft het leven aan een meisje: Maria. De ouders wijden het kind aan God en brengen Maria, als zij drie jaar oud is, naar de tempel. Daar wordt zij gevoed door engelen.
Als zij twaalf jaar oud is, wordt Maria door de hogepriester uitgehuwelijkt aan Jozef, een weduwnaar op leeftijd. Jozef heeft kinderen en is aannemer. Hij mag Maria alleen maar behoeden. Onmiddellijk na het huwelijk vertrekt hij voor enkele maanden naar een bouwkarwei. Maria wordt intussen van Godswege zwanger. Als Jozef thuiskomt ziet hij dat Maria in verwachting is. Ook de hogepriester komt dit te weten. Maria en Jozef moeten de proef met het bittere water ondergaan, maar doorstaan die glansrijk. Jezus wordt onderweg naar Bethlehem geboren in een grot. Een vroedvrouw constateert, dat Maria nog steeds maagd is.
Heilig Hart
De devotie tot het Heilig of Allerheiligst Hart van Jezus is een uitdrukking voor een specifieke spiritualiteit, zoals deze in de Rooms-katholieke Kerk vorm krijgt. De verering van Jezus Christus krijgt vorm vanuit de liefde en barmhartigheid, die worden gesymboliseerd door Jezus' Hart. Een passage uit het Evangelie volgens Johannes, waar Jezus' zijde door een lans doorboord werd, waaruit bloed en water stroomden, speelt in deze mystieke vroomheid een grote rol. Daarbij is het hart van de Gekruisigde doorboord en bron van de sacramenten en van de Kerk.
Het Hart van Jezus wordt in de kunst gewoonlijk afgebeeld als een geopende borstkas met daarin een bloedrood hart met een vlam. Het hart staat voor de persoon van Christus' Leven en Lijden, terwijl de vlam de Liefde en Barmhartigheid representeert. De devotieprentjes zijn een niet altijd als kunstzinnig ervaren weergave, voor velen zijn de afbeeldingen eerder kitsch. Een afbeelding, bedoeld als metafoor, wordt niet altijd als metafoor begrepen. De lagere esthetische kwaliteit van afbeeldingen trekt dan wel meer de aandacht dan de metafoor.
Isidorus van Madrid † 1130
Isidorus (ook Odore of Sille[127]) van Madrid, (ook 'de Boer', 'de Boerenknecht', 'de Landbouwer' of 'de Landman'), Torrelaguna bij Madrid, Spanje; † 1130.
Feest 10 & 15 mei & 25 oktober (Verenigde Staten).
Isidorus was een eenvoudige boerenknecht. Hij was getrouwd met Maria de la Cabeza († 1200; feest 8 september), even eenvoudig en vroom als hijzelf, en later eveneens heilig verklaard.
Haar hoofd wordt vereerd in het klooster van Santa Maria de Rio Jarma; vandaar dat zij daar bekend staat onder de naam ‘Maria de la Cabeza’ (= Maria 'van het Hoofd').
Zijn heiligheid sprak zo tot de verbeelding van zijn tijdgenoten dat er over hem allerlei wonderlijke verhalen de ronde deden. Zijn baas wilde er nu wel eens het zijne van weten en ging op onderzoek uit. Hij had gehoord dat Isidorus zijn werk verwaarloosde omdat hij veel te veel tijd besteedde aan zijn gebeden.
Inderdaad trof hij hem biddend in een kerkje aan. Maar tegelijkertijd zag hij tot zijn stomme verwondering dat twee engelen in zijn plaats het land aan het ploegen waren achter een span blinkend witte paarden.
Isidorus gaf soms zoveel graan te vreten aan de vogels, dat het de spotlust opwekte van zijn medeknechten. Als hij zo doorging, kwam hij straks nog met lege balen bij de molenaar aan. Maar toen puntje bij paaltje kwam, bleken de balen van Isidorus twee keer zoveel graan te bevatten als die van zijn collega's.
Eens was hij uitgenodigd op een boerenmaaltijd. Omdat hij te laat was, had men een portie voor hem apart gehouden. Maar hij had zoveel arme lieden meegebracht, dat er voor ieder nog niet één hele hap zou overschieten, als ze allemaal iets zouden krijgen. Toch stond Isidorus erop om te delen met de armen. En de overvolle schalen raakten niet leeg.
Hij ligt begraven in de San-Andreakerk te Madrid. Zijn verering nam een grote vlucht sinds koning Filips III van Spanje op Isidorus' voorspraak genas van een zeer ernstige ziekte.
Hij is patroon van de stad Madrid; ook van de boeren en tuinders. Bij grote droogte roept men zijn voorspraak in om regen.
Hij wordt afgebeeld als boer, met een hak of een spade; met een bundel vruchten of een korenschoof. Engelen ploegen achter een span witte paarden of ossen, terwijl Isidorus zich tot God heeft gewend (met een rozenkrans, gebedenboekje of alleen maar in zijn lichaamshouding).
Bron: Wikipedia en Heiligen.net
Dominicus Guzmán † 1221
Guzmán (ook van Caraluega), Bologna, Italië; stichter; † 1221.
Feest 24 mei (overbrenging & verheffing relieken in 1233) & † 6 & 8 augustus.
Dominicus' wieg stond in Caraluega, gelegen in de Spaanse provincie Burgos. Hoewel geschiedkundig gesproken zijn geboortedatum niet vaststaat, beweren sommige documenten dat hij op 24 juni 1170 het levenslicht zag. Daarmee is hij een tijdgenoot van Franciscus van Assisi (1180-1226; feest 4 oktober), de stichter van de franciscaner orde, die gekenmerkt wordt door armoede.
Zijn vader heette Felix de Guzmán; zijn moeder was de zalige Juana van Aza († 1190; feest 8 augustus).
Johanna van Aza op, Spanje; † ca 1190 (of 1205); feest (2 &) 8 augustus.
Zij werd geboren op het kasteel van het geslacht Aza, dichtbij Aranda in Oud-Castilië. Zij huwde met Felix de Guzmán. Zij kregen twee zoons en een dochter. Daarna kwamen er geen kinderen meer, terwijl de beide echtelieden er bijzonder naar verlangden. Zij ondernamen zelfs een bedevaart naar het graf van de heilige Dominicus van Silos langs de weg naar Compostella. Hierna kregen ze inderdaad een kind, een zoon. Hij werd genoemd naar Dominicus van Silos: Dominicus Guzmán. Zijn moeder gaf hem een diep-religieuze opvoeding. Hij zou later de beroemde stichter worden van de Orde der Predikheren, ook wel naar hun stichter dominicanen geheten.
Er is een legende die vertelt, dat Dominicus' moeder tijdens haar zwangerschap eens droomde, dat zij een hond ter wereld bracht met een brandende fakkel in zijn bek. De Latijnse naam voor zijn latere volgelingen 'Dominicanes' werd ook wel uitgelegd als 'Domini Canes' = 'Honden van de Heer'!
[101a»Jane;102»Jeanne;106;107;224p:22;282b:171]
klik hier voor meer. Bron Heiligen.net
Gerardus Majella
cssr, Caposele bij Napels, Italië; kloosterling; † 1755.
Feest 16 oktober.
Hij werd op 23 april 1726 te Muro Lucano bij Napels geboren als zoon van een eenvoudige kleermaker. Hij verlangde ernaar om in het klooster te gaan, maar daar had hij naar de mening van degenen die hem moesten beoordelen te weinig capaciteiten voor. Toch bleef hij hopen en vragen, terwijl hij bij zijn vader het vak van kleermaker uitoefende. Na lang aandringen mocht hij in 1749 alsnog lekenbroeder worden bij de redemptoristen. Naast de gewone kloostergeloften legde hij ook de gelofte af dat hij in elke omstandigheid zou kiezen voor het volmaaktste.
Hij leidde een leven van gebed en onderdanige gehoorzaamheid. Hij kreeg achtereenvolgens de functie van portier, kleermaker en tuinman. Het was de heilige Alphonsus Maria de' Liguori (†1787; feest 1 augustus), die in deze ijverige, bescheiden kloosterling een heilige ontdekte. Ook bij de mensen buiten het klooster was hij zeer geliefd; als hij ergens verscheen werd er geroepen: "Daar is de heilige!". Hij stond niet alleen bekend om zijn apostolisch en charitatief werk, maar vooral om een aantal bovennatuurlijke verschijnselen, zoals bilocatie, gedachtelezen, helderziendheid, voorspellingen, broodvermenigvuldiging en wonderbaarlijke genezingen. Ook zou hij tijdens een storm even buiten Napels de zee op zijn gerend om een schip in moeilijkheden te redden: hij trok het aan twee vingers naar de wal.
Bron: Heiligen.net
Mariabeeld
In de kerk bevindt zich nog een oud eikenhouten beeld voorstellende de Maagd Maria met het Kind
Jezus op de arm, volgens legende is dit beeld na de beeldenstorm verdwenen en bij baggerwerkzaam-
heden aan het eind van de Oude Boomgaard teruggevonden, die daarom de naam 'Lieve Vrouwe¬
gracht' zou hebben gekregen.
Josef
In de evangelieverhalen komt Jozef alleen voor in Jezus' kindheidsverhalen (Matteus 01-02; Lukas 01-02). Hij is een afstammeling van David. Hij is timmerman (Matteus 13,55) en woont in Nazareth. Hij is een rechtschapen mens en hij zorgt goed en liefdevol voor Maria en haar kind. Bond: Heligen.net
Theresiabeeld
Theresiabeeld in neogotische nis aan de bovenzijde afgesloten door een baldakijn versierd met gotische architectuurmotieven.
Twee beschilderde zijluiken.
Links een moeder met haar Kind op schoot, op de achtergrond een Mariabeeld, tekst
onderaan: "DE MOEDER WIJDT HAAR KIND TOE AAN DE ONBEVLEKTE/ONTVANGENIS".
Op het rechterluik een geknield professiebruidje met haar vader, op de achtergrond een H. Hartbeeld, tekst: "DE VADER ZEGENT/ZIJNE DOCHTER/ALS BRUID VAN/CHRISTUS".
H. Antonius van Padua,
Staande op een rechthoekig voetstuk. Op zijn linkerhand is het Kind gezeten in lang gewaad, dat naar Antonius opziet. Hij houdt een lelietak in zijn rechterhand.
Antonius heette aanvankelijk Fernando. Hij was afkomstig uit de Portugese hoofdstad Lissabon en schijnt nog af te stammen van Godfried van Bouillon. Op 15-jarige leeftijd trad hij toe tot de kanunniken met de regel van Sint-Augustinus. Twee jaar later verhuisde hij naar de Augustijner vestiging in Coïmbra. Toen acht jaar later een aantal enthousiaste monniken uit de nieuwe orde van Franciscus langstrokken om in Marokko door middel van prediking en naastenliefde de Moren te gaan bekeren, sloot hij zich bij hen aan. Om zijn nieuwe leven te markeren, noemde hij zich naar de vader van de woestijnmonniken: Antonius. Bron; Heiligennet
De Heilige familie in de werkplaats
Eikenhout, deels gepolychromeerd (retabel), schildering op eikenhout (zijluiken) van Atelier M. van Bokhoven & H. Jonkers; 's-Hertogenbosch; 1925 (circa).
In het driepasvormig retabel een beeldengroep voorstellende de H. Familie in de timmermanswerkplaats. Het Kind Jezus, staande met het kruis, wordt geflankeerd door zijn ouders. Jozef, rechts, leunt op zijn werkbank en Maria, gezeten, houdt een spinrokken. In het boogveld neogotisch traceerwerk en een schild met winkelhaak, nijptang en hamer.
Aan weerszijden op de zijluiken geschilderde voorstellingen van engelen aan het werk in de timmermanswerkplaats, omgeven door harp en fluitspelende engelen en enige met banderole waarop de tekst: "Illumina nos Domine escemplis (sic) familiae tuae" en "et dirige pedes nostros in viam pacis".
Vrije vertaling: Verlicht ons Heer naar het voorbeeld van de heilige familie, leidt onze voeten naar vrede.